Kind op schommel

BLOG • Zelfverzekerd in de klas

Sommige kinderen leggen makkelijk contact, terwijl andere moeilijker vriendjes maken. Hoe kan jij je kind helpen bij de sociale vaardigheden?

Help jij je kind bij het ontwikkelen van sociale vaardigheden? Op de basisschool hebben kinderen vaak nog veel verschillende vriendjes. Lang niet alle kinderen hebben dan al vaste vriendjes of een beste vriend of vriendin. Sommige kinderen leggen gemakkelijk contact, terwijl andere het lastig vinden om vriendjes te maken. Hoe help je je kind om vrienden te maken en goed om te gaan met leeftijdsgenoten? We geven je acht tips.

1. Luister naar je kind in plaats van advies te geven

Alle kinderen hebben weleens een conflict met leeftijdsgenoten. Heeft je kind ruzie gehad? Luister dan eerst. Als je meteen vertelt wat je kind verkeerd deed of hoe het dat moet oplossen, voelt je kind zich alleen maar onzekerder. Help je kind om zijn gevoelens helder te krijgen en stel vragen, zodat het zelf kan bedenken hoe het het probleem kan oplossen.

2. Kies geen partij

Luister naar de mening van je kind, leef je in en toon begrip voor de gevoelens van je zoon of dochter. Maak tegelijk het andere kind niet zwart. Vermoed je dat je kind liegt over het eigen aandeel? Help het dan om zich in de ander in te leven. Geef je kind niet de schuld, maar blijf neutraal. Zeg bijvoorbeeld:

“Ik vraag me af wat er aan de hand was met Bente. Waardoor zou ze zulke gemene dingen gezegd hebben? Zou ze zich buitengesloten en verdrietig hebben gevoeld toen ze niet mee mocht doen?”

3. Help je kind om zijn behoeftes te uiten, zonder de ander aan te vallen

Dit is een hele uitdaging, zelfs voor volwassenen. Kinderen hebben onze hulp hierbij nodig. Probeer je kind te laten zeggen waar het behoefte aan heeft en wat het fijn vindt, in plaats van waar het last van heeft. Is je dochter bijvoorbeeld boos omdat haar vriendinnetje de baas speelt en zegt ze “jij speelt altijd de baas!”, zeg dan bijvoorbeeld:

“Je klinkt heel boos. Kun je ook aan Tess vertellen wat je graag zou willen dat ze doet, in plaats van te zeggen wat je van haar vindt?”

4. Leer je kind voor zichzelf opkomen

Voor jezelf opkomen is een belangrijke vaardigheid die alle kinderen nodig hebben. Sommige kinderen doen dit vanzelf, andere hebben er hulp bij nodig. Je kunt het samen oefenen in een rollenspel. Leer je kind wat het kan zeggen en doen om de ander duidelijk te maken dat het iets niet leuk vindt. Denk ook aan de houding: rechtop staan, hoofd omhoog en een duidelijke stem. Heeft je kind hier echt veel moeite mee, dan kan een weerbaarheidstraining helpen. In ons aanbod vind je passende trainingen.

5. Leer je kind overleggen

Kinderen in de basisschoolleeftijd zijn vaak bazig. Ze willen graag hun zin doordrijven, maar ook samen spelen. Het is op deze leeftijd al handig als je kind leert overleggen en onderhandelen met leeftijdsgenoten. Stel je kind bijvoorbeeld de vraag:

“Wat is belangrijker voor jou: het spel op jouw manier spelen, of samen met Emma spelen?”

Is een ander kind erg bazig, dan heeft je kind misschien hulp nodig bij het onderhandelen. Help het door het bijvoorbeeld te laten zeggen:

“Ik wil heel graag met je spelen, Liv, maar we zijn al de hele tijd buiten. Ik wil nu graag binnen spelen. Kunnen we iets doen wat we allebei leuk vinden?”

6. Help je kind bij het oplossen van problemen

Als kinderen zich weer rustig voelen en er ruimte is geweest voor hun gevoelens, weten de meeste kinderen zelf wat ze kunnen doen om het probleem op te lossen. Ze zeggen dan bijvoorbeeld: “Ik ben niet meer boos op Sam en ik wil weer met hem spelen.” Komt je kind er niet zelf uit, zoek dan samen naar een oplossing. In plaats van er zelf een aan te dragen, kun je vragen stellen als:

“Hoe kunnen jullie dit oplossen? Wat is er nodig om weer samen verder te spelen? Hoe kun je het weer goedmaken met Fenna?”

Weet je kind het niet, noem dan een paar opties en laat je kind kiezen. Is er iets voorgevallen, leer je kind het dan ook weer goed te maken. Zo leert het verantwoordelijkheid te nemen voor zijn gedrag. Alleen “sorry” laten zeggen werkt vaak niet goed, zeker niet als je kind daar nog niet aan toe is of er te jong voor is.

7. Contact met andere kinderen

Kinderen hebben oefening nodig om sociale vaardigheden te ontwikkelen. Zo ontdekken ze wat wel en niet werkt. Zorg er daarom naast school voor dat je kind ook met andere kinderen kan spelen. Help bij het maken van speelafspraakjes, of kies samen een clubje of sport. Soms gaat vriendjes maken in een andere omgeving dan school net wat makkelijker.

8. Bekijk wat je kind kan helpen

Sommige kinderen blijven het moeilijk vinden om met anderen om te gaan. Ze zien bijvoorbeeld niet vanzelf hoe een ander zich voelt, of begrijpen niet meteen wat er van ze verwacht wordt in een sociale situatie. Kijk eens naar je kind als het samenspeelt: wanneer gaat het mis, en vooral, wanneer gaat het goed? Wat doet je kind dan? Praat daar achteraf op een rustig moment over. Speel een situatie na of lees samen een boekje over samenspelen.

Wat ook goed kan helpen: bespreek je zorgen met de leerkracht. Herkennen ze het op school? Wat werkt daar? Bedenk samen hoe je je kind kunt helpen. Sociale vaardigheden zijn voor een groot deel aan te leren, dus door je kind te begeleiden en hierin te investeren, wordt het steeds makkelijker. Soms kan een socialevaardigheidstraining je kind helpen.

Op zoek naar een training?

Denk je dat je kind gebaat is bij een weerbaarheids- of socialevaardigheidstraining? In ons aanbod vind je de trainingen en cursussen die er in Lelystad zijn, met een handige filter op leeftijd en onderwerp.

Bekijk het aanbod

  • Lisa Lelystad